• Christophe Batens

Wij vingen woorden

Wij vingen woorden die in de lucht hingen, wikkelden ze als zingende bloesems om onze gebedsmolen, luidden zo de zomer in.


Takken werden zachte wegen.

We namen ze met onze armen

bij elkaar en werden woud,


wortelden in de grond, dwaalden weer in luchten en wisten ons verbonden met jou.


Wij zien je niet en zien je overal

zoals glas uit zand bestaat. Hoop is

een buitenkamer, een lichaam van was.